1. Fair play

Fair play is een bekend begrip.
Je hoort het vaak op tv.
Bijvoorbeeld in sportprogramma's.
 |
Fair play is Engels. Je zegt daarom:
fer plee.Maar wat is fair play precies? |
In het woordenboek staat:

fair
(fer)
betekent dus eerlijk of sportief
Fair play is belangrijk in de sport.
Want
fair play maakt sporten leuk.
Misschien zit je bij een
sportclub?
In ieder geval heb je gymlessen.
Je hebt dus met
fair play te maken.

2. Sport in Nederland
In Nederland besteden
organisaties in de sport
veel aandacht aan
fair play.
Sommige organisaties horen bij één sport.
Dat zijn de
sportbonden.
Bijvoorbeeld:
 |
KNVB
voetbalbond |
 |
KNSB
schaatsbond |
 |
judobond |
 |
KNZB
zwembond |
De meeste bonden heten K N
- B.
K van
Koninklijke
N
van Nederlandse
- de eerste letter van
de sport
B van Bond.
Nederland heeft 73
sportbonden.
Zij zijn lid van het NOC*NSF.
 |
Die letters betekenen:
- Nederlands
Olympisch
Comité
- Nederlandse
Sport
Federatie.
|
NOC*NSF regelt veel voor
sportbonden.
En ook voor sporters die meedoen
aan de
Olympische Spelen.
 |
Ben je benieuwd naar alle 73
sportbonden? Of wil je weten of jouw sport erbij staat?
Klik dan hiernaast op de afbeelding.
Klik op
om hier terug te komen. |
3. Andere organisaties
De andere organisaties
in de sport
hebben allemaal een eigen doelstelling.
Hier lees je wat de NISB, NSA
en Special Olympics doen.
 |
Het NISB wil mensen
laten sporten
en bewegen, omdat dit goed is voor iedereen. Het is meteen ook goed
voor onze samenleving. |
Want mensen die sporten of bewegen:
- zijn gezonder en fitter
- kunnen beter denken en leren
- gaan beter met elkaar om
- zijn minder snel eenzaam.
En als je sport leer je:
- andere mensen kennen
- respect te hebben voor de ander
- omgaan met winnen en verliezen
- samenwerken.
 |
De Nederlandse
Sport
Alliantie werkt ook aan een
sportieve
samenleving. |
De NSA ondersteunt
sportclubs
en andere groepen sporters.
 |
Special Olympics regelt
sportactiviteiten voor mensen met een
verstandelijke
beperking.Dat doet zij voor 30
verschillende sporten. |
Bijvoorbeeld:
- paardrijden
- roeien
- zwemmen
- voetballen.
Op hun site zie je welke wedstrijden er
zijn.
-Klik hier:
.
-Scroll op de site even naar beneden.
-Klik daarna op
om hier terug te komen.

4. Fair play in de sport
Alle organisaties
in de sport
vinden fair play belangrijk.
Daarom hebben zij er veel aandacht voor.
Want fair play zorgt voor:
- meer plezier
- meer veiligheid
- meer respect.
 |
Maar fair play wordt wel eens
vergeten... Vooral als het
spannend wordt en een ploeg of speler moet winnen. |
Dat kan gebeuren in de competitie,
maar ook in de gymles
of
tijdens een partijtje op straat.
Daarom hebben de sportbonden
veel aandacht voor:
- omgang met spelregels
- omgang met tegenstanders
- eerlijkheid
en gelijke kansen.
Er zijn spelregels
en gedragsregels.
De spelregels staan in een boekje.
Gedragsregels niet.
Die zijn bij iedere sport anders.
5. Regels
Spelregels
Trainers moeten hun sporters leren
om de
spelregels te volgen.
Spelregels zorgen ervoor
dat een wedstrijd eerlijk verloopt.
Een
scheidsrechter controleert
tijdens de wedstrijd
of spelers zich
aan de spelregels houden. |
 |
Gedragsregels
Trainers leren hun sporters ook:
- respect
- zelfbeheersing
- sportiviteit.
Toch heeft iedere sport eigen
gedragsregels.
 |
Een bokser mag een
tegenstander op de neus slaan.
Dat mag een
voetballer niet. |
Een voetballer mag een
schouderduw geven,
dat mag een
wielrenner niet.
Volleyballers
geven tegenstanders
altijd een hand na een wedstrijd.
Anders zijn ze onbeleefd.
Regels aanpassen
Soms worden spelregels
aangepast
om fair play te verbeteren.
Bijvoorbeeld:
Een keeper mag geen tijd rekken
door de bal lang vast te houden.
Hij krijgt dan een kaart.

Een speler mag geen opmerking maken
tegen een
scheidsrechter.
Hij krijgt dan een kaart.
Een trainer mag zich niet
met een
scheidsrechter bemoeien.
Hij moet dan
achter de afrastering of op de tribune.
6. Het goede voorbeeld geven
Fair play geldt niet alleen in het veld,
maar ook
eromheen.
Want hoe iemand zich
buiten het veld gedraagt,
heeft invloed op anderen.
Als iemand langs de lijn steeds roept,
gaan andere mensen dat
overnemen.

Als je vader bij een wedstrijd altijd
vloekt,
dan ga jij dat misschien ook wel doen.
Als ouders de scheidsrechter
uitschelden,
zullen hun kinderen dat ook gaan doen.
Als een speler steeds op zichzelf moppert,
heeft dat invloed op anderen.
Die zullen dan op hem
reageren.
Rol van de club
Ook het bestuur, de trainers en
vrijwilligers
moeten het goede voorbeeld geven.
Ze moeten ingrijpen, als het nodig is.
Bijvoorbeeld:
- Als een speler zich slecht gedraagt,
kan de trainer hem wisselen
of niet opstellen.

- Als iemand uit het publiek zich
misdraagt
dan kan het bestuur hem
wegsturen.
- Als clubleden
dingen vernielen,
kunnen ze uit de club gezet worden.
Want slecht gedrag kan gewoon niet.
7. Gelijke kansen
Er zijn nog een paar zaken
die invloed hebben op het gedrag
van spelers, leiders en publiek.
1. De indeling van een team
Als een team te hoog is ingedeeld,
zal het alle wedstrijden verliezen.
Het team krijgt dan geen eerlijke kans.

Soms mogen oudere
jeugdspelers meedoen.
Dan wordt hun team sterker
dan het team van de tegenstander.
2. Invloed van het weer
Bij het schaatsen, het
wielrennen, het roeien
en bij atletiek kan het weer veranderen:
- het gaat dooien: het ijs wordt
zacht
- er komt meer wind: er zijn hogere
golven
- het gaat regenen: de baan wordt
glad
De sporters starten na elkaar.
Soms met een lange tijd ertussen.
Daardoor
schaatsen, rijden,
roeien en lopen ze
onder verschillende
omstandigheden.
Deze omstandigheden
kunnen allemaal
invloed hebben op de uitslag.

8. Fair play in de gym
Ook in de gymles komen dingen voor
die niet zo leuk zijn.
Bijvoorbeeld:
- Je wordt niet uitgekozen,
omdat je niet zo goed bent.
- Sommige leerlingen kiezen
alleen maar vriendjes uit.
- Sommige leerlingen willen alles
alleen doen.
Ze spelen niet samen.

- Een leerling heeft een grote mond
of loopt kwaad weg.
- Twee leerlingen krijgen flinke
ruzie.
Het wordt een vechtpartij.
Dat gedrag heeft allemaal niets
met fair play te maken.
Als je samen goede afspraken maakt,
wordt de gymles leuker.
Dat heeft alles te maken met fair play.
Je maakt dan samen afspraken over:
- omgaan met regels
Iedereen houdt zich aan de spelregels.

- omgaan met elkaar
Behandel elkaar met respect.
- gelijke kansen en
eerlijkheid
Spelen in partijen die even sterk zijn.
Leerlingen die even sterk of even goed zijn,
spelen tegen elkaar.
Verder is het belangrijk dat iedereen
leert:
- samenwerken
- tegen verlies te kunnen
- en vooral plezier te maken.
 |
Het
gaat niet om het winnen.
Het gaat om het plezier in het spel. |
En... na een gymles
ruim je alles samen op!
9.
Hoe sportief ben jij?
Op de site van de NISB
staat een leuke quiz.
Je kunt er jouw mening geven.

Als je de quiz hebt gemaakt,
weet je hoe sportief je bent.
Vergelijk de uitslag in de klas.
Wie is het sportiefst?
Klik hier
of hier
.
Vul op de site je naam in.
 |
En
dan is er nog dit filmpje op Youtube.
Is dit fair play??? |

Info en afbeeldingen van
hardenberg.nl,
nisb.nl,
nsa.nl,
nocnsf.nl,
specialolympics.nl, google.com